Anne-Marie is moeder van twee zoons (17 en 14). Nadat ze 24 jaar in loondienst heeft gewerkt bij een grote jeugdzorgorganisatie heeft ze besloten om voor zichzelf aan de slag te gaan. Dat dit een succesvolle keuze is gebleken is nog een understatement, want afgelopen mei werd ze benaderd voor het RTL programma ‘Opvoeden Doe Je Zo!’. “Dat was een fantastisch leuke ervaring. Ik heb geprobeerd om zo dicht mogelijk bij mezelf te blijven en om de manier waarop ik met ouders werk ook te laten zien op televisie.”
En als je de kans dan krijgt om een pedagogisch specialist te mogen interviewen als Anne-Marie, dan ga je er ook even goed voor zitten. Zo heb ik ontzettend veel vragen kunnen stellen over opvoedstijlen, heb ik tips mogen ontvangen over literatuur maar ook opvoedkundige vraagstukken voor kunnen leggen. De komende maand zullen we dus een stuk meer horen van Anne-Marie. Pak je notitieblok er maar bij en smullen maar!
In ‘Opvoeden Doe Je Zo!’ krijgt de kijker een kijkje achter de gesloten gezinsdeuren van het ouderschap van acht gezinnen. Het laat zien welke verschillende stijlen er zijn en welke keuzes daarin gemaakt worden. Uiteindelijk bepalen deze gezinnen samen wat uiteindelijk de meest effectieve opvoedstijl is.
Zelf zegt ze het volgende over haar televisie debuut: “Een fantastische leuke ervaring om met deze ouders aan Nederland te laten zien dat er niet één goede manier van opvoeden is. Wat werkt in jullie gezin en met jullie kinderen is steeds de basis.”
Wanneer merk je dat die basis helemaal niet zo goed is? Wanneer zou hulp van een deskundige als jij zelf ingezet kunnen worden?
“Als jij langer dan een aantal weken voelt we voelen ons met elkaar niet prettig in dit gezin,’ dan vind ik dat eigenlijk al genoeg reden om te denken ‘laat ik eens om me heen gaan kijken’. En dan kan het zijn dat kinderen signalen uitzenden omdat jij misschien niet lekker in je vel zit doordat je bijvoorbeeld een kort lontje hebt of je zorgen maakt over je kinderen.”
Met ‘hulp’ bedoelt Anne-Marie dan ook niet meteen professionele hulp. Maar wat je zou kunnen doen is het er eens in alle eerlijkheid met je partner over hebben of met een vriendin of je moeder. “En dat zie ik in de praktijk wel eens misgaan: We zijn zo geneigd om een prachtig rooskeurig beeld van ons gezin te scheppen maar zodra iedereen de deur uit is, verandert het in een soort van kleine hel. Als we dat eens wat meer gaan delen met elkaar. Dan wordt het opvoedbeeld wat realistischer en dan kunnen we leren van elkaar.”
Waarom vinden mensen het denk je lastig om daar open over te zijn?
Ze vertelt dat ze het eeuwig zonde vindt dat er nog een soort van taboe heerst op opvoeding. “Laten we eerlijk zijn: niemand doet een opleiding tot opvoeder en niemand weet wat hem of haar te wachten staat. Ik vind het ‘t moeilijkste onderdeel van het leven dat er is en we moeten het maar een beetje uitzoeken met elkaar. Dan denk ik, wat een gemiste kans!”
Anne-Marie geeft aan dat er natuurlijk ook genoeg literatuur is over opvoeden, maar belangrijk is dat je op zoek moet gaan naar wat werkt en van toepassing is op jouw gezin. “Het is nu eenmaal geen eenheidsworst, het is ook gewoon wisselend per gezin.”
Wanneer begin je überhaupt met opvoeden of ben je al iets aan het ‘verpesten’?
“Een mooi voorbeeld vind ik jonge kinderen (vanaf 9 maanden tot een jaar) die ik de hele dag door op schoot zie met een speen in de mond of een fles. Daar vind ik wel wat van. Want wiens behoefte is dit? En wat wil je je kind hiermee leren?”
“Als zuigeling heb je het niet zo zeer over opvoeden dan wel over verzorgen en hebben baby’s vooral heel veel veiligheid en fysieke nabijheid nodig,” zegt ze. “Maar richting het jaar gaan ze dingen pakken of dingen -niet moedwillig- kapot maken, willen ze misschien iets wat jij niet wilt.” En volgens Anne-Marie begint het dan eigenlijk al.
“Ik zat onlangs in een horecagelegenheid en ik zag een moeder met een kindje dat net wel/net geen jaar oud was. Dat kind zat op schoot en graaide iedere keer naar de telefoon. Die moeder legt steeds weer die telefoon weg. Ik denk misschien wel 10, 12 of 15 keer. En iedere keer kwam die telefoon weer dichterbij want dat kind greep er toch weer naar. Uiteindelijk mocht dat kind hem toch pakken. En dan denk ik bij mezelf: ‘Wat wil je nou eigenlijk?’ Mag hij hem pakken, is het bewust een spelletje of wil je oprecht dat hij ervan af blijft, maar leg hem dan ook echt uit het zicht.” Anne-Marie geeft aan dat dit al keuzes zijn die je moet maken en dus kun je het al opvoeden noemen.
“Kan je het ooit uitzetten Anne-Marie? Als je in het ‘wild’ bent, of is het altijd aanwezig dat je dingen ziet, hoort, voelt etc.?” vraag ik haar grinnikend.
“Ja dat laatste,” lacht ze. “Maar ik kan het ook heel goed uitzetten hoor want ik hoef daar dan natuurlijk niks mee. Dus ik registreer het alleen. Ik zat toen met vriendinnen en dan zie ik ‘dit gebeurt, ik signaleer ‘t en klaar.’ Daarna kan mijn aandacht weer ergens anders naartoe.”
De meeste kinderen brengen veel tijd door bij het kinderdagverblijf/BSO. Wat is jouw visie hierop? Komt hierdoor de opvoeding in het gedrang?
“Ik geloof dat het absoluut niet schadelijk is om je kind naar een kinderdagverblijf of naar een gastoudergezin te brengen. Je bewijst ze er zelfs een dienst mee. Kinderen leren veel meer van elkaar, van leeftijdsgenootjes dan van volwassenen. Je ziet vaak dat kinderen die wel naar een kinderdagverblijf zijn geweest op de basisschool veel sociaal vaardiger en mondiger zijn (voor jezelf opkomen, kunnen herkennen wat vind ik wel en niet fijn) dan kinderen die niet naar een kinderopvang zijn geweest.”
Daarnaast onderstreept Anne-Marie dat we in een maatschappij leven waarbij wij als ouders en met name wij als moeders graag een eigen leven willen hebben.
“Ik zou er namelijk niet aan moeten denken om fulltime voor mijn kinderen te moeten zorgen. Ik zou knettergek worden. En ik heb altijd best veel gewerkt, en nog steeds, meer zelfs als zelfstandige. En dat betekent dat ik de zorg soms aan een ander over laat. Ik geloof niet dat mijn kinderen daar onder geleden hebben, absoluut niet zelfs.” Zo vertelt ze, “Want omdat ik kon werken, voelde ik dat ik mezelf kon ontwikkelen, en dat ik ook een leven als mens had. Daardoor kon ik ook weer oprecht van hen genieten op de momenten dat we weer bij elkaar waren.”
Dat geldt in je privé leven natuurlijk ook, vindt Anne-Marie. “Zelfzorg is een wat ingewikkeld woord in sommige scenes, maar het gaat er echt over dat jij goed in je vel zit als moeder, als vrouw, als partner, als vriendin. En op het moment dat je dat namelijk op orde hebt, ben je ook een leuke moeder. Als jij intens ongelukkig bent in jouw relatie, dan kan je nog zo je best doen maar dan ben jij niet de optimale moeder. Want je leeft ook iets geks voor. ‘Ik ben eigenlijk doodongelukkig maar ik blijf maar in deze situatie zitten.’ Wat leer je je kinderen daarmee dan?”
Anne-Marie is zelf gescheiden en haar kinderen waren toen nog best jong. “En natuurlijk zegt een stemmetje in mijn hoofd dan, ik zorg er nu voor dat mijn hele gezin uit elkaar valt, wat doe ik iedereen aan, en tegelijkertijd voelde ik ook een soort kracht. Ik dacht, deze kinderen leren hiermee ook dat ze ten alle tijden voor zichzelf mogen kiezen. Daarmee zeg ik niet dat je anderen moedwillig moet kwetsen. Dus wij hebben die scheiding ook heel zorgvuldig gedaan. Ik kan oprecht zeggen dat mijn kinderen hier niet zo heel veel last van hebben gehad.” En dat stukje is ook opvoeden vindt Anne-Marie. “Heb de moed ook het beste voor jezelf te willen. Daarmee leer je je kind ook iets.”
Meer interviews lezen over opvoedkundige vraagstukken? Klik HIER!
3 reacties
Mooi interview! Ik merkte inderdaad na mijn eerste verlof ook dat ik het erg fijn vond om weer een andere rol aan te mogen nemen dan alleen die van mama (en het vele thuis zijn). Ik ben benieuwd of ik daar tijdens m’n tweede verlof anders in sta. Wat mij vooral opvalt is dat zo veel ouders tegenwoordig zo ‘voorzichtig’ en ‘beschermend’ zijn naar hun kind, dan denk ik: joh laat hem/haar lekker even gaan. En ja die telefoon… dat blijft lastig ;-).
Ik ben vooral verbaast over hoeveel mensen hun kind/puber heel de dag kunnen traceren via hun telefoon. Lijkt mij niet gezond voor kinderen en voor de ouders… loslaten, eigen keuzes laten maken, op hun bek laten gaan, en weer doorgaan….
Dit lijkt mij de beste manier van opvoeden, ze moeten zelf leren van hun keuzes, goed of slecht..
Toch fijn om te lezen dat het niet schadelijk is om je kinderen naar de opvang/BSO te brengen, want daar voel ik me met enige regelmaat wel schuldig over hoor. Daarnaast heb ik nog steeds het gevoel als ik aan school sta dat ik een van de weinige moeders ben die meer dan 3 dagen in de week werkt, wat het schuldgevoel soms vergroot, maar ik weet eerlijk gezegd niet of dat gevoel op waarheid gebaseerd is (misschien lijkt het alleen maar alsof ik de enige ben die altijd haast heeft om ’s ochtends bij de schoolpoort weg te komen en zijn de andere werkende moeders gewoon veel chiller dan ik). Waar ik verder wel benieuwd naar ben is wat jij vind van een weekendje weggaan met je partner zonder je kinderen, en hoe je dit het beste aanpakt? Vertel je ze waar je heengaat, met risico op tranen? (“Mama gaat naar Spanje”- “ik wil ook mee naar Spanje!!”). Ik geniet echt van de quality time als stel, maar mis tegelijkertijd de kinderen heel erg, en voel me daarnaast meteen (daar heb je het weer) schuldig dat ik ze heb achtergelaten. Zodra ik de laatste keer thuis was gekomen riep ik meteen dat ik alleen nog maar samen met de kindjes weg wil gaan, maar alone time is ook belangrijk, dus hoe vind je die balans?